Schimmel en vochtplekken worden vaker overgeschilderd dan opgelost. Na één stookseizoen staat de aanslag er weer, of de nieuwe laag blaast op en laat in schollen los. Vocht dat van achteren komt, duwt de verffilm los of trekt er dwars door heen.

Voordat er geschilderd wordt, moet vaststaan waar het vocht vandaan komt. Er zijn drie hoofdoorzaken.

Condensvocht

Condens ontstaat wanneer warme, vochtige binnenlucht een koud oppervlak raakt, en is de meest voorkomende oorzaak van schimmel in woningen.

  • Plaats: koude buitenmuren, noord- en oosthoeken, achter een kast of bed, langs de plint en de plafondrand.
  • Beeld: zwarte of grijsgroene spikkels, oppervlakkig, soms een fluwelige aanslag.
  • Verloop: ontstaat in het stookseizoen en staat in de zomer stil.
  • Rand: geen scherpe aftekening, de muur is niet door en door nat.

Betonnen lateien, dagkanten, dakranden en doorgaande vloeren geleiden warmte naar buiten en blijven kouder dan het metselwerk ernaast. Daar slaat het vocht als eerste neer.

Optrekkend vocht

Optrekkend vocht komt uit de fundering omhoog in het metselwerk, omdat de waterkerende laag ontbreekt of is aangetast.

  • De aantasting begint bij de vloer en loopt omhoog tot een vrij horizontale grens, die met het seizoen zakt en stijgt.
  • Witte uitbloei op of onder de verf: zouten die met het vocht meekomen en aan het oppervlak achterblijven.
  • Stucwerk wordt poederig of hol, verf laat in grote schollen los.

Die zouten zijn hygroscopisch. Ze trekken vocht uit de lucht, ook nadat de muur is drooggelegd. Een muur met zoutbelasting blijft vlekken geven onder gewone muurverf.

Lekkage en doorslaand vocht

Een lekkage geeft een afgetekende vlek, vaak met een bruingele rand waar het vocht tot stilstand kwam.

  • Reageert op regen, vooral bij wind uit één richting: zoek buiten. Goot, dakkapel, schoorsteen, loodwerk, open voegen, een gescheurde dorpel.
  • Blijft constant of volgt leidinggebruik, ook in een droge periode: zoek binnen. Een leiding, een afvoer of de aansluiting van een douchehoek.

Bij een enkelsteens muur of een verzadigde gevel met open voegen komt regenwater door het metselwerk heen. Dat doorslaand vocht spreidt zich over een groter vlak uit dan een lekkage en volgt de zijde waar de slagregen op staat.

Waarom ventilatie en isolatie de oorzaak raken

Bij condens zijn er twee knoppen: minder vocht in de binnenlucht, en een warmer oppervlak.

Ventilatie voert het vocht af dat vrijkomt bij koken, douchen, wassen en drogen. Houd de roosters open, gebruik de afvoer in badkamer en keuken tijdens en na gebruik, en droog geen was in een onverwarmde slaapkamer. Een hygrometer laat zien of het werkt; richt op 40 tot 60 procent relatieve luchtvochtigheid.

Isolatie verhoogt de oppervlaktetemperatuur van de muur. Een koudebrug blijft koud, ook in een goed geventileerde woning, en daar komt de schimmel terug. Na-isolatie van de spouw of een voorzetwand haalt het oppervlak boven het dauwpunt. Twee aandachtspunten:

  • Spouwisolatie in een gevel die doorslaat of waarvan de spouw vervuild is, verplaatst het probleem naar binnen. De gevel moet eerst waterdicht zijn.
  • Nieuwe kozijnen met HR++ glas halen de ventilatie eruit en maken het glas warmer dan de muur. Condens die vroeger op de ruit stond, slaat daarna neer in de hoeken van de buitenmuur.

Wat schilderwerk wel kan

Op een droge ondergrond, met de oorzaak weggenomen:

  • Schimmel verwijderen. Wij bevochtigen het oppervlak, nemen de aanslag weg en behandelen met een schimmeldodend middel dat moet inwerken. Droog schuren verspreidt de sporen door de kamer.
  • Vlekken isoleren. Bruine vochtranden bloeden door muurverf heen. Daar gaat een vlekisolerende voorstrijk over.
  • Dampopen afwerken. Minerale silicaat- of kalkverf laat vocht uit de muur ontsnappen en is alkalisch, wat groei tegenwerkt. Op koude wanden houdt dat langer stand dan een dichte latexfilm.
  • Schimmelwerend afwerken. Muurverf met een fungicide in de film vertraagt nieuwe aangroei op plekken die bouwkundig niet volledig op te lossen zijn.

Wij meten de ondergrond voordat we beginnen. Op een muur die nog vocht afgeeft, hecht geen enkel systeem. Is de wand droog, dan hoort dit bij het binnenschilderwerk; zit er behang op dat eraf moet, dan staat die route in behang verwijderen zonder schade.

Wat schilderwerk niet kan

  • Vocht tegenhouden dat uit de constructie komt.
  • Zouten in het metselwerk onschadelijk maken. Daarvoor is saneerpleister nodig, en dat is stukadoorswerk.
  • Een koud oppervlak warm maken.
  • Schimmel bestrijden die achter de plint of in poreus stucwerk doorgroeit.

Wanneer er eerst een bouwkundige moet kijken

Laat de oorzaak onderzoeken voordat u schilderwerk inplant bij:

  • zoutuitbloei of poederend stucwerk onderaan de muur;
  • een scherp afgetekende vlek die op regen of op leidinggebruik reageert;
  • vocht dat terugkomt terwijl er goed geventileerd wordt;
  • vocht dat na een eerdere behandeling opnieuw doorkomt;
  • een muffe lucht uit de kruipruimte, of zachte plekken in plinten en vloerhout.

Bij een lekkage hoort een dakdekker of loodgieter. Bij optrekkend of doorslaand vocht hoort een onderzoek met vochtmetingen. Wij komen daarna aan de beurt.

Staan er naast de vochtplekken ook scheuren in de wand, dan hoort scheuren in stucwerk herstellen bij de voorbereiding. Komt het vocht van buiten door open naden of aangetast houtwerk, dan begint het bij buitenschilderwerk en houtrotreparatie.